Jan en Marie Reiniers - Poels

 


 

Download >HIER< de stamboom Reiniers. Samengesteld door Karel Reiniers, zoon van Jan en Marie.

 


Jan Reiniers werd op 25-01-1918 als derde zoon van Eimbertus Everardus Reiniers & Theodora Martens in de Grotestraat geboren.

Voorouders: Everhard Reijniers Dagloner *Nijmegen 1741 †03-11-1805 en Barbara Arts *Gennep 16-05-1740 †Gennep 16-11-1817

Voorouders: Arnoldus Rijniers (Reniers) Dagloner * 19-11-1769 en Bernardina Leegland *Anhold Dld.26-10-1781 † Gennep 09-05-1830 

Achterkleinzoon van Jan Hendrik Rijniers (verver) *Gennep 26-05-1816  † Bergen 24-05-1875 & Elizabeth Paulina Huijgen *Bergen 02-03-1826 †Bergen 11-02-1903. En van Godefridus Fleuren (kleermaker) * Well 01-08-1816 †Well 07-05-1880 & Arnoldina Janssen *Venray 04-11-1812 †Well 05-12-1890.

Kleinzoon van Johannes Arnoldus Reiniers (Rijniers) huisschilder *Bergen 27-05-1847 †Well18-05-1919 en Anna Catharina Fleuren *Well 23-06-1847 †Well 23-08-1935

Zoon van Eimbertus Everardus Reiniers (kleermaker) *Well 04-12-1882 †02-11-1946 en Theodora Martens *23-12-1888 †Venray 25-07-1972.

Zijn zussen zijn Mia en To.  Zijn broers : Nöl, Ben, Bèr, Piet en Frans.

De broers bleven allemaal in Well wonen, Jan woonde nog enkele jaren in Nieuw-Bergen.


Maria Dorothea Poels *Wanssum 12-03-1921 † Nieuw Bergen 03-09-2013 is het vierde kind van Herman en Johanna Poels - Camps uit Wanssum.

Het gezin Poels bestond uit : Piet - Karel -Truus - Marie - Mien - Nel - Leen en Grad.

Artikel uit de krant van oktober 1987. Het handelt over een zoon van Arnoldus (Arnoud) Rijniers (Reniers) en Bernardina Leegland 


 

De vader van Jan: Bertus Reiniers (foto) was kleermaker en woonde in de Grotestraat naast Installatie firma Hein Brauers, aan de achterkant van kolenhandel - transport Piet Klabbers. Deze woning is later afgebroken. Tot 1927 moest deze kleermaker 's avonds bij een petroleumlamp zijn vak uitoefenen. Vanaf dat jaar kreeg Well electriciteit.

Zijn schoonvader Arnoldus Martens, was tot 1919  vaste timmerman op het kasteel en maakte daar in 1895 het houten hekwerk wat nu nog te zien is. Bertus en zijn vrouw Theodora Martens kregen 8 kinderen.

 

 

 

 


 

Een pagina uit het boekje "In Vogelvlucht".


 

* Fragmenten uit "In Vogelvlucht" geschreven door Jan Reiniers.

Ik zat bij Zuster Bertilia op de bewaarschool. Ze had alle begrip, rust en straalde warmte uit. En bij o.a. meester Arts en Meester Toontje Wijnhoven op de lagere school.  Jan schrijft : Wijnhoven, wat was deze man een zenuwpees. Hij stak zijn kop in een kast als het onweerde. Meester Toontje was zeer panisch voor het onweer... 

*  In 1926 waren we thuis met vier kinderen en vond de grote overstroming van de Maas plaats. We verbleven met z'n allen veertien dagen op zolder. Het water stond 60 cm. binnen in het woonhuis. Het was zo erg dat de koeien geevacueerd werden naar de kerk die op het hoogste punt van het dorp was gebouwd. De varkens werden gestald in de doopkapel.....

*  Bijna elke winter was het 'hoog water' en dan stond een gedeelte van de Grotestraat vaak onder water. Als het dan nog eens een tijdje ging vriezen en de vorst hield aan, dan ging de Maas "zitten". Dat betekende, dat het drijfijs in grote schollen tegen elkaar vastvroor. Het ijs was dan zo sterk, dat de mensen er overheen konden lopen naar de andere kant. Het was een sensatie om over het ijs even naar de Wanssumse kant te lopen. Zo ook in 1933.

*  De haren moest ik laten knippen bij Toon Koenen. Deze Wellse  schoenmaker en omroeper, die rechts naast café Nol Drissen (veerman) woonde, telde 4 cent voor het knippen en Jan Soethof 10 cent. Bij Toon ging het als volgt: Je moest met je knieen op een stoel gaan zitten en vervolgens begon Toon te knippen met een tondeuse. Echter niet alles werd geknipt. Door de slechte staat van de tondeuse en het ongeduld van Toon werd een gedeelte van je haren uit je hoofd getrokken. Als je eenmaal deze pijnlijke gebeurtenis had ondergaan bleef je met een ringetje op je hoofd (net als de paters) achter..... Toen ik wat ouder werd ging ik naar  Jantje Soethof, daar kwam je ongeschonden uit de strijd. 


 

De buurt waar Jan woonde. Net buiten beeld rechts was zijn ouderlijk huis.


*  Op mijn vierde jaar in 1922 zag ik voor de eerste keer in mijn leven een auto, de mensen die erin reden kwamen op het kasteel van Well op bezoek. Dat was uniek voor die tijd, want er reden er maar enkele.....

*  Ook kwamen er regelmatig vliegtuigen van de vliegbasis Soesterberg overvliegen die richting Venlo vlogen. Die volgden dan de Maas. Op momenten dat we aan het eten waren vlogen we onmiddelijk van de tafel af om zo snel mogelijk naar buiten te gaan om maar niets te hoeven missen van de vliegtuigen.....

*  De eerste radio in Well stond bij dokter van Bracht (Grotestraat) Als er gevoetbald werd door het Nederlandse elftal dan zette van Bracht de radio voor het raam en maakte het venster open, zodat eenieder kon meegenieten...

*  Onder het bewind van pastoor Esser was Jan bij de misdienaars. Deze pastoor was een echte tiran, aldus Jan.  Als er iets gebeurd was in het dorp wat hem niet aanstond, dan liet hij dat zondags luid en duidelijk weten vanuit zijn preekstoel. Om de parochianen nog beter te overtuigen maakte hij gebruik van zijn vuisten. Hij sloeg hiermee zo hard op z'n preekstoel dat zijn handen daar toch wel last van hebben gehad.....

*  Een keer raakte ik met het wierookvat de grond zodat de hete en rokende kooltjes het wierookvat uitvlogen. Aan het gezicht van pastoor Esser en zijn vervaarlijk grommen was duidelijk te merken dat hij bijzonder boos was op mij.....

*  Op mijn 12e kwam ik van de lagere school. Als je het niet breed had, ofwel je kon net rondkomen, dan hoefde je er niet aan te denken dat je kon gaan studeren. In het begin moest ik allerlei klusjes doen zoals in de tuin werken. Er was immers nergens werk te vinden en zeker niet voor mij omdat ik nog zo jong was. Uiteindelijk werd er besloten dat ik het vak kleermaker moest gaan leren. In hev eerste leerjaar deed ik dit thuis. In het voorjaar moest ik naar Fransen toe, in Wanssum, om het vak verder onder de knie te krijgen. Ik moest  er met en oude fiets naar toe. Als ik dan 's avonds terug kwam moest ik de fiets stallen bij Tax ( wat nu een restaurant is) aan de veerpont aan de Wanssumse kant. Want zonder fiets kostte de oversteek naar Well met het veer 6 centen en mèt fiets 10 centen. Dat was dus een besparing van 24 centen per week. Mijn weekloon bedroeg 1 gulden en na een half jaar kwam daar het middageten bij....


 

In 1938 ging Jan het leger in om zijn dienstplicht te vervullen.


Begin maart 1945: (Jan is naar Wellenaar Hendrix, kantonnier in Mook gefietst. Burgemeester S.D. Douven verbleef ook noodgedwongen in Mook)

*  Ik heb in Mook overnacht en ben de dag erop met Douven terug gereden op een oude vrachtwagen, via Siebengewald naar Well toe. We kwamen door Bergen en zagen dat een Engelse soldaat bezig was met het zoeken naar mijnen. Nadat we die plek voorbij waren gereden, waar de soldaat stond, hoorden we een flinke knal. De soldaat was op een mijn gestapt en meteen onplofte dat ding.... 

*.....Toen we in Well aankwamen kon ik mijn ogen niet geloven. Alles, maar dan ook alles was kapotgeschoten....

*  We trokken in bij Schreurs. Daar stond nog èèn bed in huis en daar kon Ellie Schreurs en burgemeester Douven zijn vrouw gebruik van maken. Wij hadden voor vijf man twee dekens tot onze beschikking en sliepen op de vloer. Als hoofdkussen gebruikten we onze jassen die we hadden opgerold. Op de vloer lagen de burgemeester, boswachter Janssen van de Hamert, Loet Rutten, zoon van Jan Rutten uit Aijen, Jan Janssen uit Well die later verongelukt is en ikzelf. Van vermoeidheid viel ik meteen in slaap ondanks dat het zo koud was. De volgende morgen kwam de commandant van de Engelsen ( die wij ook wel Tommy's noemden). Die man wou dat wij weer vertrokken uit Well. Maar door tussenkomst van  burgemeester Douven ging dat niet door. Veel later hoorden we dat de Engelsen het dorp Well geheel als oefengebied hadden willen gebruiken, o.a voor het oefenen van huis aan huis gevechten. Als dit plan was uitgevoerd was er van het hele dorp Well weinig meer overgebleven. De Engelsen schoten namelijk voordurend met granaten.


 

Het gedeelte van de Grotestraat, waar Jan en Marie drie jaar later een nieuwe woning lieten bouwen. Ze namen de herbouwplicht over van Gradus Clabbers (Sneejer Gradje), een familielid van Marie.

Links er naast woonde Helm Zegers, die een winkel had met o.a. drogisterij artikelen. Hier hebben Louis en Tonny Koppes-Janssen een nieuwe woning gebouwd.


*  In 1946 / '47 maakte ik met Marie Poels kennis. Marie kwam uit Wanssum en ik trof haar in de Boerenbond van Well op de Kasteellaan (waar nu een supermarkt is gevestigd). Bij gebrek aan beter was de Boerenbond omgetoverd tot danszaal. Na het bal heb ik Marie weggebracht tot halfweg Ayen, want ze woonde in die tijd in Bergen. Marie was n.l. werkzaam bij de "Koek" (Hay en Han v.d. Berg) in Bergen. Ze hielp daar in de huishouding.

 Tante Mina Clabbers bood mij in 1946 de kans de herbouwplicht van haar vader over te nemen. Ik kocht toen samen met Marie de grond en de herbouwplicht in de Grotestraat 80 te Well en kon zodoende op deze plek een huis laten bouwen.Het nieuwe huis werd aanbesteed bij de firma Huygen uit Well. De bouwkosten bedroegen 15.000,00 gulden.De architect vroeg voor het tekenen van het huis 732,00 gulden. Van het Rijk kregen we nog een premie en uiteindelijk kostte het huis ons 8000,00 gulden.


 

*  Marie en ik hadden inmiddels woonruimte aangevraagd en kwamen tijdelijk  terecht bij van Sas, nu Grotestraat 46. Bij van Sas konden we een bovenwoning betrekken. Dit pand heette destijds het Anker.

 

(Rechts op de foto, de woning van Fam. van Sas.)


 

Op 30-06-1948 trouwden Jan Reiniers en Marie Poels in Wanssum. Ze kregen 6 kinderen: Annie - Herman - Karel - Bert - Toos en Piet.

De bruidsmeisjes zijn de tweeling Thea en Tiny Camps, de jongste dochters van Mina Clabbers en Huub Camps. Huub was een oom van Marie en dus waren het haar nichtjes.


 

Met de bouw werd in september 1948 gestart en net voor de winter gingen de dakpannen er op. Hierna kon aan de afwerking van het huis worden begonnen en in het voorjaar van 1949 werd het opgeleverd.


 

Dochtertje Annie werd op 11-05-1949 geboren.


 

Geheel links de woning van Jan en Marie.


 

Eind jaren '40 kon Jan aan de slag als postbesteller bij de PTT.  Dit werk deed Jan tot aan zijn pensionering, ruim 36 jaar later.  Hier fiets Jan langs de kasteelgracht.


 

Augustus 1965 in de Sterrenbos

*  Ik had verschillende vaste adressen waar ik altijd een kop koffie kreeg zonder dat ik daar naar hoefde te vragen. De postbode kwam vroeger namelijk vaak bij de mensen in huis en legde per dag met de fiets een afstand van ca. 35 km. af. We hadden ook vaak geld op zak en betaalden de mensen hun AOW uit of incasseerden geld. Postzegels en briefkaarten werden toen nog aan huis verkocht door de postbode....

*  In een winter, welke kan ik mij niet meer herinneren, lag de sneeuw zo hoog dat het onmogelijk was om er met een fiets doorheen te komen. De sneeuw lag op sommige plaatsen wel een halve meter hoog. De route naar het Wellsmeer en het Knikkerdorp heb ik toen te voet afgelegd. Het zal je niet vreemd in de oren klinken als ik zeg dat dit een zeer zware en vermoeiende tocht was. Bij Drika in het Knikkerdorp was ik zo uitgehongerd dat ik bij haar een halve kom rijstebrij heb gegeten. Afijn, na deze maaltijd bij Drika kon ik er weer even tegen. Pas tegen de avond kwam ik weer heelhuids thuis. Ik herinner me nog dat dit op Aswoensdag was....


 

Augustus 1965 . 

*  Ik heb verscheidene collega's gekend bij de PTT in Well. Vroeger was het postkantoor in de Grotestraat gevestigd. De kantoorhouder was toen Jo Thissen. Mijn broer Nol en ik waren de bestellers en legden alles per fiets af. Later verhuisde het postkantoor naar de St. Vitusstraat. De kantoorhouder was toen Lei Verberkt.  ...Maar èèn collega springt er in het bijzonder uit en dat was Lei van Rensch uit Wellerlooi. Ik kon het altijd goed vinden met hem, het was altijd gezellig als Lei in dienst was. Tijdens onze gezamelijke diensten heb ik menigmaal zijn band van de fiets moeten plakken. Want daar kon hij werkelijk niets van...


 

  * .....Maar èèn collega springt er in het bijzonder uit en dat was Lei van Rensch uit Wellerlooi....


 

Begin jaren '50.  Herman Reiniers met buurjongen Toon bovenop Jenny, het paard van Wiel Linders.  Toon's broer Piet Linders leidt het paardje. 


 

Zoontje Bert  doet op 11 mei 1961 de Eerste Communie.

Boven v.l.n.r. :  Nichtje Annie Verrijdt (Halve Maan)  -  een nichtje uit Posterholt  -  zus Annie Reiniers

Onder: Bert  met broertje Piet en zusje Toos. 


 

ca. 1970. De moeder van Jan, Theodora Reiniers-Martens. De foto werd gemaakt in de Nicolaasstraat, in de tuin van broer Piet.


 

Begin jaren '70 ) In hun keuken op Grotestraat 80 hebben Jan en Marie menig kopje koffie gedronken en altijd graag gewoond.  


 

Jan gaat met pensioen.  In 1995 besloten Marie en Jan om dicht bij hun kinderen in Nieuw Bergen te gaan wonen. De woning in de Grotestraat werd verkocht.

*  Als ik weer met Marie in Well kom, haalt ze meestal vlees bij Hubèr en Toos Koppers. Al die jaren dat we woonachtig zijn geweest in de Grotestraat waren we klant bij slagerij Koppers. Eerst bij Lei, Hubèr zijn vader, daarna bij Hubèr toen die de zaak van Lei overnam. Lei Koppers stond altijd enorm te schreeuwen en vloeken in de winkel. Na verloop van tijd viel dat niet meer op bij de vaste klanten. Wel wekte dat bevreemding op bij de klandizie die zo nu en dan eens wat vleesproducten kochten.....


 

1991. Broers en zussen Reiniers op het 40 Jarig Huwelijksfeest van To Reiniers met Piet Kooter in zaal Vink.

v.l.n.r. Piet - Nöl - To - Frans - Mia - Ben - Bèr - en Jan.


 

Jan en Marie Reiniers - Poels met hun eigen complete familie.

Marie.