Piet en Truus op het Veldt - Derks

Peter Hubertus - Piet op het Veldt * Hunsel-As 09-09-1915 † Well 22-12-1985.

Zoon van Hendrikus Hubertus op 't Veld (landbouwer) * Heythuysen 01-02-1871 † Meijel 14-09-1916  en Wilhelmina Vaessen (landbouwster)  * Grathem *13-11-1874 †Meijel 29-09-1930.

Kleinzoon van: Pieter Jan op 't Veld (katoenwever) * Heythuysen 27-08-1844 wonende te Beesel en Hubertina Helena Verstappen (dienstmeid) * Nunhem 09-02-1846 en van moeders kant Wilhelmus Vaassen (landbouwer) en Johanna Dekkers (landbouwster).  De achternaam veranderde van Opvelt - op Velt - op Veld - op 't Velt -op 't Veld naar op het Veldt.

Gertruda Maria,Truus Derks, is een dochter van Handrie Derks en Grada Jans  Truus was modiste van beroep en had thuis in de Grotestraat een hoedenzaak.

Zijn vader stierf toen Piet nog maar een jaar was en zijn moeder stierf toen hij vijftien was. Zus An in Meijel ontfermde zich over haar broer. Piet werkte als leerling gezel bij kleermaker Thei Derks in de Grotestraat en leerde zodoende Truus in de jaren '30 kennen. Op 21 juni 1945 trouwden Piet en Truus in zaal Walaria, die op dat moment als noodkerk was ingericht. Ze kregen zeven kinderen: Henk - Hans - Helma - Gerrie - Yvonne - Pieter en Rudy. Aanvankelijk woonde het gezin op de bovenetage van Grotestraat 62 bij Fam. Wolbertus - Drissen en in de Hoenderstraat. In 1959 werd een nieuwe woning in de Sint Vitusstraat 5 gebouwd. In zijn werkkamer hingen de muren vol met diploma's en gewonnen prijzen van kleermakerswedstrijden. Piet was actief als lid van het R.K. Schoolbestuur, kerkmeester en collectant in de Sint-Vitusparochie.


 

 


 

Tekst van krantenartikel 1970

HANS OP HET VELDT, NEDERLANDS KAMPIOEN:

Maatkleermaker heeft uitstekende toekomst door Hay Hermkens

 
WELL, juli. — „Wij hebben meer dan een kaduke baileybrug", zeggen ze in Well. Het maasdorp halverwege Venlo en Gennep heeft nu eens niet de publiciteit gehaald vanwege .de bouwvallige brug die voor het zwaardere verkeer zelfs gesloten moest worden, maar telt onder haar inwoners een echte landskampioen. Hij heet Hans op het Veldt, is twintig jaar en kleermakergezel van professie. Op de Utrechtse beroepenmanifestatie kwam hij als beste kleermaker uit de bus en Hans gaat ons land in november in Tokio vertegenwoordigen op de wereldkampioenschappen. Vier dagen hard werken om de hoogste eer en nog eens tien dagen relaxen tussen de Japanse hoofdstad en Osaka. Nederlands in het kader van het leerlingenstelsel behendigst met naald en draad opererende snijder heeft ondanks zijn jeugdige leeftijd zijn eigen toekomstplannen uitgestippeld. „Ik zit hier bij mijn vader in de zaak. Ons beroep mag dan sterk zijn teruggelopen sinds de laatse oorlog, ik ben er rotsvast van overtuigd, dat er voor een goede vakman een uitstekende toekomst is weggelegd. Op den duur blijven er misschien maar een paar kleermakers over en die krijgen het ontzettend druk. Mocht het mij niet lukken, dan zijn er nog genoeg plaatsen op confectiefabrieken open, die schreeuwen om coupeurs".

Gehalveerd 
Meester-kleermaker Piet op het Veldt (54) schat dat het aantal geregistreerde kleermakers sinds de oorlog is gehalveerd tot tweeduizend. „Maar daarvan oefent naar schatting nog niet de helft het echte beroep uit, velen zitten in de confectie. Sommigen verkopen zelfs vloerbedekking. In Limburg werken ongeveer nog zo'n veertig full-time kleermakers. Volgens op het Veldt sr. is dat een relatief grote groep. „De interesse in het maatwerk is hier onder invloed van Duitsland en België niét helemaal verflauwd. Onze buurlanden zijn net als Frankrijk en Engeland niet zo aan het confectiewerk gehecht. Daar is men kritischer op zijn uiterlijk en gaat men in de regel beter gekleed. In ons land draagt misschien minder dan tien procent van de mannen maatwerk", aldus Piet op het Veldt. „Vroeger lag de zaak wel wat anders. De gang naar de kerk werd een soort modeshow, iedereen bekeek iedereen. Tegenwoordig word je kaliber gemeten aan de afmetingen van je auto, die is veel belangrijker, net als kleurentelevisie".

Beste stoffen
Zoon Hans volgt nauwlettend de internationale mode en constateert: „Feitelijk heeft Nederland geen specifieke herenmode. Wat hier komt en gedragen wordt is Duits, Engels of Frans. In de Verenigde Staten zijn vooral de beter gesitueerden verschrikt tot de conclusie gekomen, dat er geen maatkleermakers meer zijn, nu schreeuwt men erom". Een somber toekomstperspectief dus voor de kleermakers? „Ik geloof het niet, zegt Piet op het Veldt voorzichtig. „Natuurlijk is ons gemiddelde uurloon nog niet hoog, ik schat het op zes gulden. Het is geen beroep waar je schatten geld mee verdient. Het dure zit hem In het stof. Waar de confectie in de regel ophoudt, begint het maatwerk wat dat betreft. Alleen de allerbeste confectiestoffen kunnen met de onze wedijveren. Maar de tendens is, dat vooral bij degenen die wat beter in het geld zitten de belangstelling voor het maatpak gestadig toeneemt. Dat heeft ook iets met stand en flair te maken. Het kostuum op zich is al iets persoonlijks, omdat er exclusieve stof gebruikt wordt. Een prijs van 550 of 600 gulden voor een kostuum met vest is dan ook niet overdreven.
Een bezoek aan een echte kleermaker heeft eveneens iets persoonlijks. Er is meer gelegenheid tot overleg dan in de grote confectiezaken. Niet zelden kent de kleermaker zijn vaste klant ook vanuit het verenigingsleven of als goede buurman. Op het Veldt sr. „Die binding met de vakman is een vreemde zaak. Ik heb klanten in Roermond, Kerkrade, Heerlen, Sittard, Eindhoven en zelfs Enschede. Daarnaast zit er nog een aantal in de Duitse grensstreek. Ook als ze eens verhuizen blijven ze hun kleermaker trouw. We hebben — als je het goed bekijkt — een vreemd vak. Officieel zijn we bijvoorbeeld geen hand- maar hoofdarbeiders. We zijn een bepaald soort kunstenaars. Ik zeg wel eens: we moesten eigenlijk een lange haardos en een baardje hebben. Of dat artistieke ook op talentvolle zoon Hans betrekking heeft zal de tijd moeten leren. Eerst gaat hij samen met 26 andere vaklieden twee weken naar Japan. In het gezelschap bevinden zich ook een betonvlechter, glasblazer, kapper, schilder, timmerman en meubelstoffeerder. In september komt de groep nog een weekje bijeen om elkaar vast te leren kennen, en daarna volgt een diner op de Japanse ambassade, waar ook enkele films over Nippon worden vertoond. „We zijn straks officiële vertegenwoordigers van ons land, dus moeten we ook goed voor de dag komen, constateert Hans. Op de schoorsteen in de huiskamer ligt tussen overvolle bloemenvazen een fototoestel. Dat heeft Hans namens B & W van de burgemeester gekregen voor zijn prestaties in Utrecht. Want Well is trots op zijn kampioen.