Zoek

Aantekeningen uit 1850 van rentmeester Jan van Eyll

Destijds was Baron Pieter Willem de Liedel de Well onze kasteelheer.

 


 

Uit de vijftiger jaren van de 19e eeuw.

Medegedeeld 18 augustus 1921 door Gerard Peters, 's Gravenhage. Voormalig rentmeester van kasteel Well en voormalig burgemeester van Bergen Lb.

EENIGE AANTEEKENINGEN UIT EEN AGENDA VAN WIJLEN NOTARIS JAN VAN EYLL, TEVENS RENTMEESTER VAN HET KASTEEL WELL (LIMBURG.)

Zondag 27 Januari 1850.

Het ijs in de Maas is in den namiddag los geraakt, waarop de Maas merkelijk is gewassen.

Maandag 28 Januari 1850.

Om den middag was de Maas wederom vast van boven Well tot Maashees en daarbij sterk wassende. Avonds om 5 uren begon het water door de allée op het dorp aan te loopen. Om 7 uur was reeds sterk overgeloopen. Om 10 uur stond het water tot aan de brug.

Dinsdag 29 Januari 1850.

Om 1 uur 's nachts stond het water op de brug. Om 3 uur idem was de geheelen steenen vloer der brug tot nabij de houten vloer onder water, 's Namiddags circa 2 uren is het ijs in de Maas losgeraakt, om 3 uren was de brug reeds ontbloot en 's avonds kon men weer door de allée naar het dorp gaan.*)  Door de spoedige val zijn drie scheepen, waaronder een met 700 mudden aardappelen geladen, een grindmachine, de groote veerpont en verdere kleine vaartuigen op de straat tegenover het huis „de drie kronen" tot nabij de school **) blijven liggen, ter drooge, groote ijshoopen bleven langs de kanten. De passagie door de dorpstraat was daardoor geheel belemmerd, alsook over de brug van de Molenbeek aan het huis van erfgenamen Diebels, welke weg geheel vol ijs lag. De hoogte van het water is in de muur nabij de brug door een nagel geteekend.

Dinsdag 19 Maart.

Geplant langs den Boschberg, aan den Aswater, neven den Nieuwen Weg en op het perceel heidegrond nabij de Sluis: 433 fijn dennen boompjes, welke uit het Aswatersche Bosch zijn gestoken geworden. (Deze boomen zijn voor enkele jaren gekapt).

Zaterdag 30 Maart.

Geplant in de Papebeeksche straat: 64 eikeboomen, langs het huis en het land gekocht van de Erfgenamen Vreede, welke boomen uit den Aswater zijn gehaald en eenige uit de kweekerij aan Cinenpad. (Deze eiken zijn gekapt om het jaar 1906.)

Donderdag 11 April.

Gebrouwen en getont 14 tonnen bier, te tappen 19 April 1850. (Het kasteel had een eigen brouwerij, gevestigd in het oudste gedeelte der voorgebouwen tegen den grooten toren vroeger, genaamd „het Ronddeel".)

Vrijdag 12 April.

Het nieuw gebouwd huisje in de heide achter den molen, zijnde de kamp van erfgenamen Basten gekocht, is door den pachter Gerardus Theunissen betrokken geworden, zijnde alles behoorlijk klaar en in orde.

Dinsdag 16 April.

Geplant langs Hanenkamp en de Korte Gang 33 canadas. (De Korte Gang was een weg van den Kasteelschen Dijk naar de Broekstraat bij de Kleine Waey; deze werd in do tachtiger jaren verkocht.)

Zaterdag 20 April.

Betaald aan den landmeter de Wit voor eene kaart van Annadael 85 gulden.

Maandag 22 April.

Eenige inwoners van de Looy en Well, hun misnoegen te kennen gevende aan de Burgemeester Elders over de belasting op het weiden in de gemeenteheide, is deze belasting dadelijk ingetrokken, de Burgemeester zeker bang zijnde zich bij de inwoners hatelijk te maken; dit is al wederom hetzelfde geval, zooals in July 1849 met den gemeenteverkoop heeft plaats gehad, welke ook gestaakt  geworden is.

Zaterdag 22 Juny.

In de Kattenpas nabij de Wehr is door den boschwachter Diebels ontdekt, dat er hout afgesneden of gekapt is; dit hout heeft men in den tuin van Martinus Peters daarbij wonende terug erkend, gebruikt wordende tot boonenrijsen.

Zondag 23 Juny.

Het dagloon van den verver Driessen is bepaald op 50 cents. Bovengenoemden Martinus Peters heeft aan de Marechaussee bekend dat bij het hout in de Kattepas afgesneden had, waarop proces-verbaal tegen hem opgemaak. Bij vonnis van de Regtbank te Roermond dd. 10 July veroordeeld tot eene gevangenisstraf van 14 dagen, 10 gulden boete en de kosten. Door den jager Jacob Wagemans en de Marechaussee Krol op het Heerenven bevonden Cornelis Versleeuwen van Veert met vier karren bezig zijnde turf  te varen; hij was houder van een permissie om Dinsdag turf bijeen te varen; doch er was niet bepaald met vier karren; men vermeende, dat hij zijne medemakkers hier mede wilde helpen door te zeggen, dat deze ook zijn paarden enz. hadden; des zelfs knecht zeide latertijd, dat hij maar twee paarden had; ik heb hem voor boete vijf gulden gevraagd, doch met vier vrijgelaten, welke hij betaald heeft.

Woensdag 7 Augustus.

Naar Hechtel vertrokken ter afhaling van het lijk der Hare Wel Geboren Vrouwe Baronesse de Liedel de Well, geboren Anna Eleonore, Ottilia Baronesse von Schloissnigg, op 3 Augustus te Leuven overleden.

Zaterdag 10 Augustus.

Tusschen 5 en 6 uur 's morgens van Hechtel te Well aangekomen, waarna solemneelen lijkdienst en vervolgens de begrafenis der HWG. Vrouwe Baronesse heeft plaats gehad. (De bijzetting geschiedde in den familiegrafkelder onder het koor der parochiekerk.)

Zondag 18 Augustus.

Buitengewone hoogte der Maas; gerst en haver moest uit het veld in den Band weggevoerd worden.

Maandag 19 Augustus.

De Maas nog altijd hooger.

Dinsdag 20 Augustus.

De Maas begint te vallen.

Dinsdag 27 Augustus.

Aangekomen op het kasteel komende van Weenen Hoog Wel Geboren Heer Baron J. B. de Pilgram, Staatsraad, benevens deszelfs echtgenoote, geboren Baronesse Albertine de Schloissnigg, met hare twee dochters de HWG. Marianne en Albertine Baronessen de Tinti, uit haar vroeger huwelijk met wijlen den HWG. Heer Baron Jean de Tinti.

Dinsdag 24 September.

Bezien van het Heerenven: turf en bulten, er waren 1053% karren, kapot geslagen 3 karren blijft 1050% karren. Bij natelling van het geld is bevonden 1049 gulden 12 stuivers Cleefsch. (Het bezien van het Heerenven was een zeer eigenaardig en overoud gebruik. Iedereen kon op het ven turf en bulten (plaggen) steken; alles moest netjes op hoopen gezet worden en dan werd een door den kasteelheer een dag voor het „bezien" vastgesteld. Dan moesten de eigenaars aanwezig zijn ter plaatse, hun hoop werd geschat en zij moesten een gulden Cleefsch voor eene kar betalen. De hopen, waarvoor geen eigenaar was, werden door de aanwezigen geheel en al stukgeslagen en vernield. Dat „bezien" was een evenement in de Heerlijkheid; op het Ven ging 't er wel eens zonderling toe, de jeneverflesch mankeerde niet en bij het „kapotslaan" der turfhoopen ging er wel eens een haal uit de richting.)

Maandag 30 September.

Gekocht van Johannes Henckens te Bergen 32 roeden land nabij den Bamberg te Ayen om te dienen ter opbouwing eener windmolen, ad 300 nederlandsche gulden. Deze koop is gezamenlijk voor den HWG. Heer Baron de Liedel de Well en HWG. Heer Graaf van Hoensbroek. (Later alleen voor Baron de Liedel, die er een molen liet bouwen.)

Dinsdag 1 October.

Verzonden een aanvrage aan den Minister van Financiën tot opbouwing eener windkorenmolen.

 

 *) Dezelfde „kunsten" haalde de Maas uit na den hevigen winter 1890—1891. Door plotselingen dooi en zwaren regenval raakte het zeer zware ijs spoedig los, doch zette zich tusschen Well en Maashees wederom vast. In enkele uren steeg het water eenige meters, terwijl de stroom van onderop kwam aanzetten. Het water bereikte ongeveer dezelfde hoogte als in 1850; ook toen was de „passagie" in de dorpstraat geheel gestremd. Toen na ongeveer 8 uren het ijs wederom los raakte, was het water even plotseling verdwenen.

**) De toenmalige school is thans kapelanie.



 

Parochiekerk van Well met de kapelanie, die eerder diende als school.