Zoek

De tram van de MBS in Well.

Een belangrijk moment was 31 mei 1913, toen de N.V. Maas Buurt Spoorweg de tramlijn Nijmegen - Venlo in gebruik stelde. De dorpen Wellerlooi - Well - Aijen - Bergen - Afferden en Heijen van de gemeente Bergen kregen hierdoor, zowel voor het personen- als het goederenverkeer, een voor die tijd goede verbinding met Gennep, Nijmegen en Venlo. Economisch gezien een grote vooruitgang voor onze streek.

Aanleg van de tramrails nabij Wellerlooi. In het midden met schop is kantonnier Leendert Wijnhoven *Groesbeek 28-06-1854 †Well 16-08-1935. De man met kar en paard is Johannes Mathijs Boumans *Afferden 03-05-1885 †Heijen 02-05-1971.


 

Het plan voor Well in 1912.


 

In 1913 was het druk in Well voor het molenhuis van de familie Sjef Vink.


Het Café Molenzicht was "Tramhalte Well" geworden. Veel inwoners van Well en vooral de jeugd, waren op de been om de eerste tram hier voorbij te zien rijden.

Bij het café van Vink kwam ook een soort loswal met bijbehorende loods voor de aan- en afvoer van tramgoederen. Sjef Vink zelf werd er de beheerder van. De functie was zo belangrijk dat hij zelfs een telefoon kreeg.

De feestvreugde van mei sloeg in Well na vier maanden om in groot verdriet toen een jongentje onder de tram kwam op vrijdag 12-09-1913.

Het slachtoffertje was de drie jarige Peter Henri Jan Stevens *Well 24-06-1910, zoontje van nevenstaand echtpaar Stevens-Noppeneij.

Uit de krant van 13-09-1913


 

Uit de krant van 18-09-1913.


 

Ansichtkaart uit ca. 1915 met de molen van Sjef Vink, die tegenover de Wellse tramhalte lag.


 

Artikel Dienstregeling 05-06-1923.


 

Briefhoofd van de Wellse Kapokfabriek inclusief de tram.


 

Detail van een bericht d.d. 03-12-1923. Bedrijfsaansluiting van de tram bij de Zuid Nederlandse Kapokfabriek.


 

De tramlijn ter hoogte van de Kapokfabriek.


Ongelukken.

In Wellerlooi botste op 1 oktober 1929 de tram op een verhuiswagen, die gedeeltelijk op de rails stond geparkeerd. Door de dichte rookwolken van de stoomlocomotief was het uitzicht op de Rijksweg vaak belemmerd, waardoor er gevaarlijke situaties en ernstige ongelukken ontstonden.

De opzichter van het Wellsmeer, dhr. Zijlstra, verongelukte in 1929 bij Heijen toen hij met zijn motor door de rookwolken van de tram reed. Hij vloog in volle vaart tegen een boom. Ook zijn medepassagier kwam hierbij om het leven.

Uit de krant van 09-08-1924.


 

Uit de krant van 17-08-1927


 

Uit de krant van 29-03-1930


 

Uit de krant van 12-07-1930.


 

In de Bosserheide was vanaf de aanleg ook een halteplaats bij "Klein Amsterdam". 

De 82 jarige Jacob Roosen uit de Bosserheide werd op 02-11-1933 voor dit café door een extra tram met een post annex bagagewagen van Gennep naar Venlo aangereden en was op slag dood.

Machinist Bartels uit Gennep verklaarde destijds dat hij plotseling op eenige meters afstand iets voor de locomotief zag en onmiddellijk daarop een schok voelde, hij bracht den trein ten spoedigste tot stilstand.

Het was locomotief 17 van de lijn Venlo – Beringe die vermoedelijk voor onderhoud naar de werkplaats in Gennep was geweest.

 

Jacob Roosen en echtgenote op hun gouden bruiloft in 1925.


 

Krantenartikel 02-11-1933.


In Well lag verderop nog halte “Halve Maan” waar men op verzoek in- en uit kon stappen. De Rijksweg tussen Well en Aijen is vandaag de dag nog nauwelijks veranderd ten opzichte van de tramperiode. De bomen zijn uiteraard een stuk dikker, maar staan er nog steeds. Opmerkelijk is dat de bomen aan de oostkant dicht langs de weg staan, terwijl aan de westzijde de berm een meter of twee breder is, dus ongeveer de ruimte die de tram nodig had. 

Betsy Krebbers *1928, voor haar ouderlijk huis aan de Rijksweg met de tramlijn. En links op de achtergrond de tramloods nabij café Molenzicht van Sjef Vink.


 

Uit de krant van 11-05-1934. Peter Johannes Ariaans handelaar *Well 24-09-1881 †Well 09-05-1934.

Zoon van Paulus Ariaans en Anna Catharina Vrede. Echtgenoot van Theodora Lamberdina Meerts uit Siebengewald.


 

Dit is het eerste diesel-electrische tramstel. Ondanks de moeilijke crisistijd van de jaren dertig heeft de M.B.S. geprobeerd de ontwikkeling bij te houden.

In 1934 ging de M.B.S. van stoom- op diesel-electrische tractie over.

Een bekende tramconducteur in de omgeving was Hannes Hendriks, bijgenaamd "Hannes van de tram". Hij overleed op hoge leeftijd in het Wellse bejaardenhuis.


 

Artikel van 28-07-1934.

BOTSING TUSSCHEN TRAM EN VRACHTAUTO.

Een vrouw gedood. — Groote verwoestingen aangericht.

Gisteravond omstreeks zeven uur heeft tusschen Well en Wellerlooi in Noord-Limburg een vreeselijk ongeluk plaats gehad.  De tram van den Maas-Buurt-spoorweg, die te 18 u. 42 uit Wellerlooi naar Gennep was vertrokken passeerde op dat tijdstip een groote vrachtauto, komende uit Nijmegen en op weg naar Maastricht. De weg is ter plaatse volkomen recht. De vrachtauto reed rechts van den weg en passeerde de locomotief van de tram, die bestond uit een postwagen, een personenrijtuig en daarachter drie goederenwagens, op normale wijze. De vrachtauto was de locomotief nog niet goed gepasseerd, of het trampersoneel hoorde een hevigen slag, gevolgd door een luid gekraak. Het bleek, dat de vrachtauto in volle vaart tegen den postwagen was gereden. De gevolgen waren verschrikkelijk. De postwagen werd zwaar gehavend; alle uitstekende deelen waren er vanafgerukt en het onderstel was geheel ontzet. De ruiten waren verbrijzeld, maar het zich in den wagen bevindende trampersoneel was er wonder boven wonder zonder letsel afgekomen. De vrachtauto werd na de botsing tegen een personenwagen geslingerd. De uitwerking hiervan was catastrophaal. Het voorbalcon van het rijtuig werd ingedrukt, het portier verbrijzeld, terwijl de zijkant werd opengereten. De brokstukken van de vrachtauto drongen in den wagon en richtten daar groote verwoestingen aan. Op een bank, in de onmiddellijke nabijheid van het portier, zat de 54-iarige weduwe Willemsen uit Bergen, die haar zoon, die in het ziekenhuis te Venlo wordt verpleegd, had bezocht. De vrouw werd door de brokstukken van de auto getroffen en afgrijselijk verminkt. Een stuk hout was haar geheel door het onderlichaam gedrongen en haar beide beenen waren versplinterd. De ongelukkige, die het bewustzijn niet verloren had en verschrikkelijke pijnen leed, werd in een tegenover staande boerderij binnengedragen, waar zij na korten tijd overleed. Een kind, dat naast haar gezeten was, bekwam als door een wonder geen letsel. In de coupé bevonden zich in totaal tien passagiers. Onder hen ontstond een vreeselijke paniek, maar behalve een liefdezuster, die eenige bloedende verwondingen in het gelaat gekregen had, die evenwel niet van ernstigen aard bleken te zijn, werd geen van hen gewond. De vrachtauto slingerde daarna nog tegen de drie goederenwagens, die eveneens zwaar gehavend werden en kantelde vervolgens ondersteboven op den rijweg. Tot groote verbazing van de aanwezigen, konden de twee mannen, die in de cabine gezeten hadden, zich geheel ongedeerd uit de wrakstukken bevrijden. Direct was de gemeentepolitie en de marechaussee ter plaatse, die tram en auto in beslag namen. Hoe de aanrijding precies is ontstaan kon niet met zekerheid worden vastgesteld. Vermoedelijk heeft de bestuurder de macht over zijn stuur verloren. Beide mannen werden aangehouden en naar de marechausseekazerne in Well overgebracht. De tram werd in zooverre weer opgekalefaterd, dat omstreeks half elf de reis naar Gennep kon worden voortgezet. De vrachtauto bleek volkomen te zijn vernield. De rechterzijde was er finaal afgescheurd en van voren was het voertuig geheel in elkaar gedrukt. Men sleepte het vehikel naar den kant van den weg en bevestigde er een roode lantaarn aan, zoodat het verkeer weer voortgang kon hebben. Het lijk van het slachtoffer werd naar het klooster te Wellerlooi overgebracht, terwijl de tweede zoon van de weduwe, die thuis was, omzichtig van het gebeurde in kennis werd gesteld. In den loop van den avond arriveerde hij te Wellerlooi. Van heinde en verre kwam het publiek toestroomen om de plaats van het ongeluk in oogenschouw te nemen. In het dorpje heerschte groote verslagenheid. Vast is komen te staan, dat het trampersoneel niet de minste schuld treft.


 

De tram in Wellerlooi die op zijn zijkant lag trok veel ramptoeristen.

Vanuit Well waren o.a. de gebroeders Chris (midden) en Friedje Kessels (rechts) vanaf de Kamp naar de onheilsplek gefietst en er werden uiteraard enkele foto's gemaakt.


 

Wellerlooi - Juli 1934.  Rechts Chris Kessels.


 

Wellerlooi - Juli 1934.


 

1935. Advertentie in een boekje voor toeristen in Limburg en Brabant.


 

Links de loods met tramwerkplaats. De ambtswoning lag aan het toenmalige rangeer- repareer- laad- en losterrein van de MBS tramlijn. Later woonde hier de fam. Frans en Dina Vullings-Vink.

De foto is gemaakt vanaf de molen met de woning van Grad Wijers onder aan de molenberg.


 

In 1938 kon men zo nu en dan nog rustig over de Rijksweg wandelen, zoals hier leden van de families Arts en van Bracht. Links ligt de trambaan.


 

Theo van Jacob Krebbers (smid) met links een logé van de fam. Piet Krebbers (bakker). Spelend op de Rijksweg bij zijn ouderlijk huis, met de Kapokfabriek op de achtergrond. Waarschijnlijk begin jaren '40.


 

Hierboven de platte grond  van het MBS ranggeerterrein met o.a. loods en smeerput. Rechts de ambtswoning welke maar kort als zodanig is gebruikt. Bij deze wisselplaats had elke personentram een verplichte stop, ook al waren er geen passagiers. De tram kwam dus kort langs het huis van Vullings en er werd druk geladen en gelost. Vooral bouw- en landbouw producten en stookkolen.

Zoals overal op de MBS-lijn reed op 17-09-1944 de laatste officiële tram door Well. Bij het Wellse rangeerterrein waren echter door de MBS in de chaotische tijd enkele goederenwagens achtergebleven.

De smeerput is eind 1944 door overbuurman Harrie Kwanten als schuilkelder ingericht. Frans Vullings en zijn gezin moesten er in oktober 1944, tijdens een onverwachte granatenregen in wegvluchten. 

Op 12-10-1944, bij de slag om Overloon, liet een afgedwaald vliegtuig in de namiddag enkele bommen los, gericht op deze achtergebleven goederenwagons. Op het moment dat de duikvlucht van het vliegtuig al was ingezet wilde Dina Vullings haar jongste kinderen Bernadet en Twan nog snel naar binnen halen. Te laat, alle drie werden getroffen. Dina en Bernadet werden zwaar gewond in een Duitse legerauto naar het ziekenhuis in Venlo vervoerd, alwaar zij in de kelder werden ondergebracht en maanden later bij de bevrijding van Venlo snel getransporteerd werden naar het normaal functionerende ziekenhuis in Heerlen. Pas in het voorjaar van 1946 mocht Dina het ziekenhuis in Heerlen verlaten. In de tussentijd was haar man Frans met de andere kinderen geëvacueerd naar Grootegast in Groningen en werd het gezin kort  na de bevrijding in mei 1945 in het ziekenhuis in Heerlen pas weer herenigd. Dina hield blijvend letsel over aan de beschieting.

Op de gehele tramlijn was in de Tweede Wereldoorlog  zoveel schade aangebracht, dat de tramverbinding na afloop van de oorlog is opgeheven. Het personenvervoer is daarna uitsluitend met autobussen voortgezet door MBS en busonderneming Vitesse, vanaf 1949 onder de naam Zuid-Ooster.


 

Detail van een grote luchtfoto, door de geallieerden in de Tweede Wereldoorlog gemaakt op 03-12-1944.

Goed herkenbaar zijn de tramloods bij Vink en de gebombardeerde tramremise bij Vullings aan de (R) Rijksweg. Verder zijn de (S) Sterrenbos te zien, de (K) Kasteellaan met de Marechausseekazerne en de (W) Wezerweg met de bocht om de gebombardeerde windmolen van Toon Vink. Rechts boven het terrein van het voormalige N.A.D. Kamp. Ook herkenbaar zijn de loopgraven en kraters van granaatinslagen.


 

Grote delen van het traject worden ook nu nog bereikt door buslijn 83


 

Bovenstaande en onderstaande foto werd ingestuurd door André Simons, die een MBS tramstel tegenkwam in het Trammuseum Ouddorp, op de kop van Goeree in de provincie Zeeland.