Zoek

Marechausseekazerne brigade Well

Uit de krant van 12-10-1864.


Begin 19e eeuw had Nederland politie in de steden en veldwachters voor buiten de steden. Er kwam behoefte aan een centraal aangestuurd bereden politiekorps. Een met militaire structuur. In 1814 kwam daarom het Corps de Maréchaussée. Deze nieuwe politieorganisatie moest de orde handhaven, zorgen voor de naleving van wetten en de veiligheid van grenzen en grote wegen bewaken.
Als soevereine vorst ondertekende de latere koning Willem I het besluit tot oprichting. Het Corps de Marechaussée was daarmee op 26 oktober 1814 een feit.

Lees hier meer over de historische gegevens.

* Ga ook naar: Website Mareschaussee sporen

De Wellse brigade van "Het Wapen der Koninklijke Marechaussee" is uitgezet op 29 april 1815 en opgeheven in 1830. Weer uitgezet op 6 augustus 1839 en opgeheven op 1 maart 1943. Opnieuw uitgezet op 8 november 1946 en gesloten op 1 maart 1968.


 

Uit de krant van 20-09-1881


 

Uit de krant van 26-04-1884


 

1900. Het veer vervoerde Marechaussees te paard, die in Well gelegerd waren.


 

 "Het Wapen der Koninklijke Marechaussee" zoals deze politieorganisatie met militaire status destijds heette had de kazerne met paardenstallen aan het huidige kermisplein, nu Grotestaat 37a en 41.

De foto werd ca.1910 gemaakt door Wellenaar Jos Drissen. Het pand uit 1847 was toen ongeveer 60 jaar oud.


1911.  In de Band had men vanaf de tuinderij van de firma 'Gebroeders Simons' een mooi uitzicht richting Grotestraat met de kazerne en bijgebouwen. Op de achtergrond de toren van de oude St. Vituskerk aan de Maas.


 

1914 op de veerstoep, links het huidige pand Brienen aan de Maas.

Tijdens de mobilisatieperiode van 1914 - 1918 bestond de taak van de Marechaussee tijdelijk uit politietoezicht over het gemobiliseerde Nederlandse leger. De Koninklijke Marechaussee vervulde rijkspolitiediensten, een situatie die tot in 1940 zou voortduren.


 

 1914. Een groep soldaten van de Grenswacht bij zaal Klabbers. Rechts de Marechausseekazerne, die in de laatste maanden van de Tweede Wereldoorlog door granaatvuur geveld werd.


 

De Marechausseekazerne had telefoonnummer 10 in 1922.


 

Limburger Koerier 03-12-1926


 

Uit de krant van 25-02-1927.


 

Men kon de Marechaussee in de regio niet missen, brigade Well bleef bestaan en bestond uit 5 personen waarvan een Opperwachtmeester en een wachtmeester. 

In de krant stond: Naar we vernemen is de kwestie marechaussee-kazerne te Well van de baan. De tegenwoordige kazerne is weer voor 12 jaar verhuurd, zoodat de bouw eener nieuwe niets geeft.


 

De Grotestraat rond 1930.  De bomen staan in de voortuin van de Marechausseekazerne.


 

Willem Aartsen en Geurtje Cornelia Ridderhof trouwden in Heerlen op 07-03-1923.


 

Zomer 1933. Het echtpaar Aartsen-Ridderhof op bezoek bij de familie Piet Kessels-van Dijck in de Hoenderstraat.


02-06-1936 werd Willem Aartsen bevorderd tot operwachtmeester en als zodanig benoemd tot Brigade-Commandant hier in Well.

Op 7 januari 1937 trouwden Juliana en Bernhard. De gevel van de kazerne werd versierd.


 

18-02-1939. Bericht in Peel en Maas. In verband met de grensversterking kwam er dus toch een nieuw kazernegebouw.


 

 Huldiging van "den Opper" Willem Aartsen. Vooraan staat de 17 jarige Mia Janssen, dochter van bakker Karel.

WELL 21-02-1939

Jubilé van Opperwachtmeester Aartsen. — Op 16 Februari herdacht Opperwachtmeester Aartsen, brigade-commandant te Well. den dag waarop hij voor 24 jaar bij het wapen der Koninklijke Marechaussee in dienst trad. 15 Februari voormidddags om half elf had de plechtige uitreiking plaats van de zilveren medaille voor 24-jarigen trouwen dienst door den kapitein districtscommandant te Nijmegen jhr. G. A. Bowier aan opperwachtmeester Aartsen te Well en aan wachtmeester 1e klas Janse van de brigade Oss. Dit geschiedde voor het front van het aanwezige personeel uit het district Nijmegen, bijeengekomen in de Nijmeegsche manege aan den Sterrenschanschweg bij gelegenheid van het afscheid van den districtscommandant Bowier Na voorlezing van de betreffende besluiten cri het opspelden der medailles, richtte kapitein Jhr. Bowier zich tot opperwachtmeester Aarts. Bij terugkomst in Will was de zijingang van de kazerne feestelijk versierd. Tallooze bloemenmanden en bloemstukken werden aangebracht; een stroom van telegrammen en andere schriftelijke gelukwenschen werden in den loop van dezen en den daarop volgenden dag aan de kazerne bezorgd. Een der eerste telegrammen was van den Burgemeester van Hoensbroek, de plaats, waar de jubilaris ongeveer dertien jaar als wachtmeester is werkzaam geweest en blijkbaar in veler harten een plaats heeft veroverd. Verder waren er telegrammen van de burgemeesters en gemeentebesturen van Meerlo, Wanssum, van het secretariepersoneel uit deze gemeenten, van de Poliitetroepen groep Wanssum en van de detachementen te Bergen en Wellerlooi, schriftelijke felicitaties van den ZeerEerw. Heer Pastoor te Well en tenslotte van bijna alle vereenigingen, industrieën en inwoners van Well. Een schat van bloemen tooverde de kamer van den jubilaris uit haar sombere Februaristemming om tot een lusthof. Op 16 Februari ‘s avonds zou de jubilaris in intiemen kring gehuldigd worden voor het goede, wat hij geschonken had, aan allen, die het voorrecht hadden in zijn onmiddellijke nabijheid te vertoeven en met hem te mogen samenwerken. Van intiemen kring was echter slechts in zooverre sprake dat het geheele dorp aap deze huldiging van „hun Opper" deelnam. Omstreeks zeven uur kwamen de Edel Achtbare heeren Burgemeesters uit Bergen en Gennep hun opwachting maken en de Opper persoonlijk geluk wenschen. Zeer tot hun spijt konden deze heeren slechts korten tijd blijven, daar een vergadering hen opeischte. Behalve de vele gasten, bestaande uit rijks- en gemeentepolitie uit wijden kring, ambtenaren der invoerrechten en accijnzen van de posten Bergen, Well en Wellerlooi, alsmede hun sectie-chef, den heer De Vries uit Gennep, de commandanten der politietroepen, groep Wanssum en de detachementen te Wellerlooi en Bergen, benevens een wachtopziener, waren als buitenlandsche gasten aanwezig de commandant der Deutsche Gendarmerie te Geldern, zoomede diens wachtmeesters uit Kevelaer, Twisteden en Weeze. Door den gemeenteveldwachter Verdijk werden onder een korte toespraak eenige fraaie en nuttige cadeaux aangeboden, uit naam van de rijks- en gemeentepolitie. In zijn toespraak roemde de heer Verdijk de voortreffelijke samenwerking, die steeds tusschen marechaussee en de politie heeft bestaan. Geroerd dankte de jubilaris voor deze woorden en de cadeaux, daarbij den wensch uitsprekende, dat ook in de toekomst dezelfde samenwerking mocht blijven bestaan. Namens het personeel der brigade Well complimenteerde wachtmeester tit. Benschop den jubilaris, waarbij ook deze een fraai cadeau aanbood. Staande werd daarop door alle aanwezigen het Nederlandsche en Duitsche volkslied gezongen. Om acht uur arriveerde de Harmonie de Vriendenkring, vergezeld van het bestuur der Oranjevereeniging aan de kazerne, voor het brengen van een serenade. Bij monde van den heer Koppers werd den jubilaris namens de Harmonie en Oranjevereeniging, van welke laatste hij de beziejende voorzitter is, gehuldigd, waarbij nog een fraaie bloemenmand werd aangeboden. Ook namens de Wellsche jeugd werd een mooi bloemstuk, alsmede een leeslamp aangeboden, als dank voor de organisatie der kinderspelen bij gelegenheid van heuglijke gebeurtenissen voor de kinderen door Opper Aartsen. Zichtbaar geroerd dankte de jubilaris de beide vereenigingen en de geheele Wellsche bevolking voor de grootsche hulde hem gebracht. In den loop van den avond ^werd nog het woord gevoerd door Haupt-Oberwachtmeister en door Wachtmeister Milanowski uit Weeze, die er op wees, dat er vpor de politie in haar strijd tegen de misdaad eigenlijk geen grenzen bestaan. Verder gaf hij de verzekering, dat, wanneer in den strijd tegen de misdaad eën der Hollandsche politiemannen zou worden bedreigd, hij op den volledigen steun van de Duitsche collega's zou kunnen rekenen, hetgeen hij ook omgekeerd hoopte.


 

Uit de krant van 08-05-1939.


 

Uit de krant van 24-07-1940


 

Foto van 09-02-1941

Gerard Loermans *27-07-1920 op het balkon van de nieuwe kazerne aan de Kasteellaan. Achter op de foto staat geschreven: "De jongste met de meeste praatjes". Op latere leeftijd kwam hij als architect Loermans in Well wonen.


 

Uit de krant van 24-02-1941


 

Uit de krant van 14-05-1941.

Tijdens de oorlog 1940 - '45 verbleven er zusters in de oude kazerne. Deze Zusters van Bethanië uit Venlo werden door de Duitsers gesommeerd hun klooster/verpleeghuis Maria Auxiliatrix te Venlo te verlaten, omdat Duitse officieren en manschappen bezit namen van hun klooster. In de kamer links naast de zijingang maakten zij een kapel waarin op gezette tijden een H. Mis gelezen werd.  De buurjongens, waaronder Mich Simons, waren dan misdienaar. Na afloop van de Mis kregen ze dan ook nog een ontbijt. Naast de kazerne lag de paardenstal, die in de oorlog aan de voorkant verbouwd werd tot woning voor de fam. P.J. Kellenaers - van de Bisen. (dochter van Tontje v.d. Bisen) Het zoontje Bert Kellenaers is daar geboren. 


 

Rond 1940 was men met de bouw van de nieuwe kazerne gestart. Aannemer was Wellenaar Antoon Coppers. De kazerne werd in 1942 officieel geopend.


 

Marechaussees verwijderen onkruid met behulp van een aardappelmesje.


 

Uitzicht vanaf het balkon.


 

Limburger Koerier 17-06-1943

Op 10 juni waren 123 radio's ingeleverd door de Wellse bevolking. De lijst met namen en adressen is er nog.


 

Huwelijk van de Amsterdammer Wim Leereveld en Mien Simons uit de Grotestraat op 21-06-1943 met bruidsmeisje Ria Simons. Meer Wellse meisjes trouwden met een Marechaussee.

Links staat de Wellenaar Leo Derks uit de Papenbeek. 


 

Marechausse Leo Derks. Hij was een zoon van Jacob en Johanna Derks-Derks. Adres: Papenbeek 1.


 

1945. Alles wat er na de Tweede Wereldoorlog van de oude kazerne overbleef was een grote puinhoop.

Jarenlang heeft de jeugd nog op de fundamenten van de kazerne kunnen spelen. Op een gedeelte van het kazerneperceel bouwde burgemeester Douven in 1947 een woning en de voortuin van de voormalige kazerne werd verhard en ingericht als dorpsplein. In de jaren '60 werd door Piet Laarakker het huis gebouwd op het huidige adres Grotestraat 39a.


 

Uit de krant van 12-04-1948.


 

Dina Daniels, pleegkind van Eugene Hermans, maakt een praatje met de overbuurvrouwen.


 

Begin jaren '50. Ook de molen was onherstelbaar beschadigd en op de Molenberg was een huis gebouwd voor het doktersgezin Gerard Smals.

Rechts naast de kazerne woonde slagersgezin Gerrit & Riek Krebbers - Verhamme en links schoolhoofd Frans & Dina Vullings-Vink en hun kinderen.


 

Augustus 1952. In het Wellse straatbeeld was de aanwezigheid van Marechaussees heel gewoon en vertrouwd.

Op de achtergrond surveilleren de Marechausees met Wellse kermis.


 

Een ansichtkaart uit de jaren '50, de periode dat o.a. de families Moerkerken, Spillekom en van Drumpt hier woonden. In het gedeelte met de erker was het kantoor gevestigd en ook een celblok.


 

 Venraynaar Bert Schmeitz was in de jaren '60 in de kazerne Well gestationeerd. Hij trouwde alhier met Annie Krebbers, dochter van Krebbers-Verhamme.

Lambertus Schmeitz *Venray 15-12-1940 † 's Hertogenbosch 09-11-1977.


 

 Meer dan 150 jaar lang was de Koninklijke Marechaussee in Well gestationeerd. Veel kinderen bezochten onze scholen en moesten weer weg als hun vader werd overgeplaatst. Nadat de Marechaussee definitief vertrokken was uit Well heeft het kazernegebouw gediend als politiebureau en onderkomen voor politie gezinnen. Daarna werden de woningen particulier verkocht.

Namen van Marechaussees die in de oude kazerne gestationeerd waren. Dit zijn o.a. Verhamme - van de Berg - Bakker - Falter - Kloos - Kurvers - Curvers - Claessen - Larik - Ophelders - Geraedts - Leereveld - Benschop - Mengelers - van den Acker - Ouwerkerk - Klaassen - Houterman - van Hoof - Aartsen - van Kalkar - Woltjer - van Benthem - Mintjes - Janssen van Galen - Vercoulen - Spillekom.


 

Nadat het gezin van wachtmeester 1e klas Peeters heel wat jaren in de Hoenderstraat woonde, verhuisde men naar de woning links in de voormalige kazerne.

Het politiebureau was in het gedeelte met de erker gevestigd.


 

Wachtmeester Sjra Peeters bezig in zijn groententuin. Rechts op de achtergrond zaadhandel Toon Vink.


 

20-07-1975 vertrok het echtpaar Peeters-Tonnaer met de kinderen Gerry - Ton en Liesbeth naar Thorn.


Brochure, waarin de Wellse afdeling van de Marechaussee is opgenomen.

Voor de samenstelling van ‘Leven en werken op de Limburgse brigades, 1884-1894’, putte auteur Michael van der Zee uit een rijke bron die aanwezig is binnen de collectie van de Stichting Museum der Koninklijke Marechaussee: de brievenboeken. Van der Zee beschrijft het leven en werken op de brigades Well, Vlodorp en Valkenburg aan het eind van de negentiende eeuw.

De lezer wordt meegenomen naar tal van gebeurtenissen uit de rijke geschiedenis van de Marechaussee, waarbij werk en privéleven van marechaussees en brigadecommandanten in elkaar overliepen. Een uniek kijkje in de huiskamer van een aantal marechausseegezinnen wordt gegeven. De brochure vertelt over de ‘kalkoenen’ voor de hoefijzers van de paarden, het aanhouden en arresteren van deserteurs, over hoe het weer en ‘blessures’ bij mens en dier soms een grote sta-in-de-weg waren en – hoe kan het anders bij een grensprovincie als Limburg – de samenwerking over de grenzen in de strijd tegen criminelen vorm kreeg.

Brievenboeken die bewaard gebleven zijn bevatten een groot aantal handgeschreven aantekeningen over de dagelijkse dienst op de brigades. Elke brigade hield voor de Tweede Wereldoorlog zo’n brievenboek bij, waarbij de brigadecommandant de gebeurtenissen op de brigade in de vorm van een brief op papier stelde. Daarna ging het naar zijn districtscommandant die het gehele brievenboek aftekende en oplegde. Al lang bestond de wens om deze boeken te ontsluiten. Op kleinere schaal en ter ondersteuning van andere bronnen gebeurde dit voor het eerst bij de door Jos Smeets geschreven brochure: ‘België, Limburg en de Koninklijke Marechaussee 1814-1848’.

Michael van der Zee is erin geslaagd een zeer lezenswaardige brochure te schrijven. De brochure schept een uniek beeld van het dagelijks leven en werken op de drie afzonderlijke Limburgse brigades in de laat 19e-eeuw. Van der Zee’s inspanningen tonen aan dat de brievenboeken inderdaad een rijke bron vormen voor de bestudering van de geschiedenis van de Koninklijke Marechaussee tot aan de Tweede Wereldoorlog.

De brochure kunt u inzien in het Archief Well tijdens openingstijd op donderdagmorgen.


Weet jij meer of heb je foto's? Geef het door!